BoekbesprekingNojoud Ali & Delphine Minoui. Ik was negen toen ik moest trouwen.Amsterdam: Arena, 2009. ISBN 978-90-8990-084-5 Door Titus Rivas Helaas houdt de man zich hier niet aan. Hij behandelt zijn jonge vrouw als een gebruiksvoorwerp door haar herhaaldelijk ruw en meedogenloos te verkrachten. Het kind wordt ook geslagen door hem en bovendien mishandeld en uitgebuit door haar schoonmoeder. Na enige tijd besluit Nojoud een moedige stap te zetten. Ze reist tijdens een verblijf bij haar ouders naar een rechtbank en vraagt een scheiding aan. Ondanks de dominante vrouwonvriendelijke cultuur slaagt ze in haar streven, waarmee ze een precedent schept voor andere jonge uitgehuwelijkte meisjes. Nojoud wordt bijna alom op handen gedragen hoewel een aantal familieleden van haar ook gebukt gaat onder een schaamtegevoel. Een zus, Mona, blijkt overigens vergelijkbaar negatieve ervaringen met vroege uithuwelijking te hebben. Nojoud heeft de ambitie om later advocate te worden om meisjes zoals zijzelf te verdedigen. Het boek Ik was negen toen ik moest trouwen is geschreven met hulp van de Franse journaliste Delphine Minoui. Het uithuwelijken van jonge meisjes blijkt relatief vaak voor te komen in Jemen. Een wettelijke voorwaarde, die inhoudt dat de man het meisje pas mag aanraken nadat ze geslachtsrijp is geworden, blijkt zelden te worden gerespecteerd. De mensonterende traditie komt ook voor in andere landen zoals Afghanistan, Egypte, Iran, India, Mali en Pakistan. Sommige westerse voorstanders van de maatschappelijke acceptatie van vrijwillige “pedofiele” relaties tussen volwassenen en kinderen verwijzen graag naar de Griekse oudheid of niet-westerse culturen, waarin dergelijke verhoudingen algemeen aanvaard zouden zijn. De Griekse pederastie zal zeker positieve, vrijwillige voorbeelden hebben gekend, hoewel het wel om een semi-geďnstutionaliseerde gewoonte ging. Veel praktijken in (andere) patriarchale culturen berusten echter allesbehalve op de vrijwillige instemming van het kind. Ze zijn dus volledig onbruikbaar als model voor de gewenste verandering in de moderne samenleving. Hoe lastig het ook mag lijken, alleen de 'strenge' beoordeling van individuele relaties is echt moreel verantwoord. Men moet immers niet terug willen naar het soort 'fatsoenlijke', sociaal gesanctioneerde gebruiken dat in dit boek zo ontluisterend beschreven wordt. |