Start ] Omhoog ]

Boekbespreking - door Titus Rivas

Nabela Benaïssa. In naam van mijn zus
Amsterdam: Babylon de Geus, 1997. ISBN 90-6445-0331.

Het boek In naam van mijn zus van Nabela Benaïssa vormt een uitlaatklep voor de gevoelens en gedachten van de zus van een verkracht en vermoord Belgisch meisje van Marokkaanse afkomst, Loubna Benaïssa. Zo schrijft Nabela onder andere: 

"Jarenlang, over de hele wereld, hebben we je gezocht, zonder ooit de hoop te verliezen. En intussen was je daar, vlakbij, weggeworpen in een kist in die kelder. Alle dagen passeerden wij langs je beulen. Zij die alles in de hand hadden om je te vinden, hebben het niet gedaan. Ik hoop dat zij niet in vrede zullen slapen. Ik hoop dat hun geweten hun leven lang niet gerust zal zijn." 

In dit opzicht vormt het boek zonder meer een integer en aangrijpend verslag van gruwelijke gebeurtenissen en de nasleep daarvan. Het is dus zeker belangrijk en nuttig, temeer wanneer je bedenkt dat er ondanks de zogeheten 'witte marsen' minder aandacht voor deze zaak is geweest dan voor zedendelicten met jonge 'blanke' slachtoffers. Het is dan ook echt te hopen dat Benaïssa haar doelstelling heeft bereikt de moord op haar zus nog meer op de kaart te zetten. 

In andere opzichten is het boek echter niet al te informatief, althans niet voor mensen die de actualiteit op dit gebied goed gevolgd hebben. Bovendien gaat de auteur helaas mee in de spraakverwarring rond de term 'pedofilie'. Zo schrijft zij onder meer: 

“Pedofilie is een ontaarding, een afwijking. Tijdens een tv-uitzending zei iemand eens: 'Enkele jaren geleden werd homoseksualiteit ook als een ziekte beschouwd.' Ik was zo gechoqueerd dat men pedofilie met homoseksualiteit vergeleek, dat ik geen woord meer kon uitbrengen.” (pag. 116). 

Het is duidelijk dat de auteur 'pedofilie' uitsluitend associeert met de verkrachting en moord waar haar zusje Loubna het slachtoffer van werd. Dit kun je vergelijken met iemand die heteroseksualiteit inherent gruwelijk vindt omdat een geliefde persoon het slachtoffer is geworden van een heteroseksuele lustmoordenaar. 

In werkelijkheid worden mensen natuurlijk niet verkracht doordat de dader bepaalde erotische gevoelens heeft, maar omdat de dader geen rekening houdt met de belangen van het slachtoffer. Als de verkrachting wel dwingend voort zou komen uit iemands seksuele voorkeur, dan zou een heteroseksuele verkrachting van een volwassen vrouw impliceren dat heteroseksualiteit zélf leidt tot verkrachting. Er is dus hoe dan ook meer aan de hand. 

Overigens kun je het mensen als Nabela Benaïssa nauwelijks kwalijk nemen dat zij een verkeerde associatie leggen. Dat effect kun je vergelijken met een verkrachte vrouw die soms nog lang na het misdrijf bang blijft voor (heteroseksuele) mannen. 

Van geïnformeerde journalisten en hulpverleners mag je echter wel verwachten dat men de irrationele associatie (eindelijk) doorbreekt. 

Titus Rivas

Start ] Omhoog ]