Boekbespreking
Eileen Franklin en William Wright Een splinter in mijn
ziel
Baarn: De Kern. ISBN 90-325-0443-6
Het boek Een splinter in mijn ziel is geschikt als illustratie van het onderwerp seksuele kindermishandeling. De vader van de schrijfster, George Franklin misbruikt zijn dochters systematisch. Bovendien mishandelt hij hen fysiek en psychisch. Zijn labiele vrouw doet trouwens mee met de verbale mishandeling.
Zoals veel vaders in autobiografische boeken over incest, is ook deze man weer een 'agressieve dader', dat wil zeggen dat hij geweld gebruikt om de kinderen te
intimideren, en dat de seksualiteit niet alleen om lust draait, maar vooral ook om macht. Het gaat om sociaal gefrustreerde, onzekere types die hun stress afreageren door
seks met hun eigen kinderen te hebben. De macabere extra dimensie van dit geval bestaat uit het gegeven dat Eileens beste vriendin onder haar ogen wordt verkracht en vermoord.
Deze gebeurtenis wordt weggestopt en verdrongen door Eileen, onder meer onder de dreiging dat ze zelf ook vermoord zou worden als ze het aan iemand zou vertellen. Pas als volwassene komen de herinneringen aan de moord en het misbruik terug.
Het boek beschrijft hoe dit plaatsvindt en hoe hier een veroordeling tot levenslang uit volgt. Jammer genoeg gebeurt dit vaak nogal omslachtig en overdreven gedetailleerd, wat alleen al aan de dikte van het boek te merken valt (350 pagina's). Allerlei persoonlijke details, met name ook fysieke beschrijvingen en banale gebeurtenissen hadden sterk ingekort of zelfs helemaal weggelaten mogen worden.
Een ander minpunt van dit boek, zoals van de meeste boeken over incest, is dat
elke erotische aantrekking tot kinderen wordt gepsychiatriseerd; 'pedofilie' bestaat
- ofwel uit een fixatie (een achtergebleven seksuele ontwikkeling)
- ofwel uit een regressie (een terugval)
- of een cross-over (een perversie na een 'normale' ontwikkeling)
volgens de schrijvers.
Tegelijkertijd wordt duidelijk dat in ieder geval bij de dader uit dit boek, de aantrekking tot kinderen geen liefdevol verschijnsel is: 'Hij had iets tegen kinderen.' (blz. 44).
Met andere woorden: zoals zo vaak gebeurt, worden ook hier weer alle erotische contacten met minderjarigen beschouwd als morbide, terwijl als bewijs voor die visie een persoon wordt opgevoerd die allesbehalve werkelijk in kinderen geïnteresseerd is. Dit is geen valide wijze van argumenteren.
Het voorgaande neemt niet weg dat het boek belangrijk is, omdat het aantoont dat verdrongen herinneringen aan incest en daarmee samenhangende gruwelen wel degelijk bestaan. Er is weliswaar een soort hetze gaande tegen alle vormen van erotiek en zelfs emotionele intimiteit met kinderen, maar dat wil niet zeggen dat er geen grote seksuele misdaden worden begaan tegen jonge kinderen.
drs. Titus Rivas
[ Start ] [ Omhoog ]
|