|
1. John Kastner maakte deze documentaire van een uur voor het programma
Witness van de Canadian
Broadcasting Corporation (CBC). Het werd uitgevonden in januari 1997. 2. Vern Redekop's Scapegoats, the Bible, and Criminal Justice (1993) is
a consequente toepassing van Girards theorie van het zondebokproces op het
strafrechtsstelsel. 3. Timothy Gorringe's God's Just Vengeance (1996)
behandelt dit thema op gedegen wijze. Zie ook Allard and Northey (in druk) and Northey (1998).
4. De namen van de persoon zijn veranderd. 5. Er is veel
literatuur over verschenen de laatste jaren. Het beste onderzoek op dit punt
is Restoring Justice (Strong
and Van Ness, 1997). Het beste overzicht van de bredere context is The Expanding
Prison (Cayley, 1998). Het eerste grote onderzoek was Changing Lenses (Zehr,
1990) - 'het' klassieke onderzoek terzake. Er is ook onlangs een goede bibliografie
verschenen (McCold, 1997). 6. Zie voor een vollediger verslag Dean Peachey's "The Kitchener Experiment"
(1989). 7. Wij wijzen op het werk van Berman (1983/1997), Strong and Van Ness
(1997), en natuurlijk van René Girard, wiens werk wij hier niet
opsommen. 8. John Haley is de deskundige op dit gebied. Zie van
zijn vele publicaties bijvoorbeeld Haley (1989).
9. Nils Christie schrijft:
"Het slachtoffer in een rechtszaak is min of meer een dubbele
verliezer in onze maatschappij. [...] Hij wordt uitgesloten van deelname in
zijn eigen conflict. Zijn conflict is gestolen door de staat, een diefstal
door beroepsmensen."
(1981, p. 93) Hij verwijst naar een eerder door hem geschreven klassiek
essay, getiteld "Conflicts as property" (1977).
Christie's boek en artikel zijn het lezen waard!
10. Herman Bianchi legt dit uit in Justice as Sanctuary (1994).
11. Michel Foucault's Discipline and Punish: The Birth of the Modern Prison
(1978) toont dit op gedegen wijze aan. 12. Het klassieke boek
over deze gedachtegang is Braithwaite (1989). 13. De beginselen van de
kringen zijn beschreven door Heise et al (1995). Zij houden het volgende in:
-
Wij geloven in een liefhebbende en verzoenende God die ons roept om
werktuigen et zijn van God's Heil in de wereld.
-
Wij erkennen het menszijn van zowel dader als slachtoffer.
-
Wij erkennen het leed en de noodzaak van herstel van de slachtoffers van
seksueel misbruik.
-
Wij heten de dader welkom in de maatschappij en nodigen hem uit tot
verantwoordelijkheid.
-
Wij proberen het ontstaan van nieuwe slachtoffers te voorkomen, zowel door
recidive van daders te verminderen, als door het bewustzijn van het publiek
in de samenleving te vergroten.
-
Wij aanvaarden God's oproep tot een radicale vorm van gastvrijheid door
met elkaar samen te leven door het risico te lopen onze medemensen lief te
hebben.
(pp 11-12)
14. Dit type invrijheidstelling vanuit Canadese gevangenissen kwam een
tien jaar geleden op als reactie op publieke druk om geen veroordeelden
voorwaardelijk vrij te laten, die een groot risico van recidive vormden. Het
gevolg was detentie van deze veroordeelden tot de laatste dag dat zij wettelijk
gevangen gehouden konden worden of tot hun voorwaardelijke termijn verstreken
was.
15. Zie Yantzi, 1998, p. 47 voor een nadere bespreking hiervan.
16. Een als zodanig vastgesteld patroon, eigen aan een specifieke
veroordeelde, dat kan worden herkend aan bepaalde kenmerken 'triggers', die een
cyclus van recidive in gang kunnen zetten.
17.
"De amandel-vorm die ontstaat door twee cirkels te laten overlappen
[...], de mandorla die de splitsing herstelt [... is het] prototype van
conflictoplossing, de kunst van het helen."
Robert A. Johnson (1991), Owning
Your Own Shadow.
18. John McKendy (1998) ontwikkelt het begrip dialoog aan de
hand van zijn persoonlijke ervaring met het project Alternatieven voor geweld
in gevangenissen. Hij spreekt over het belang van het herstel van het
verhaal van de persoon in de helende dialoog met de gevangenen. 19. Parker Palmer (1996)
bespreekt het belang van de onbekende met deze woorden:
"De invalshoek van de onbekende ander geeft niet alleen een vollediger
beeld van de wereld, deze geeft ons ook een diepere kijk op onszelf. Immers,
de onbekende ander vertegenwoordigt mogelijkheden in ons eigen leven wie we
liever niet onder ogen zien. [...] We willen niet met ene gevangene
geconfronteerd worden omdat deze ons herinnerd aan onze eigen wandaden. We
vermijden de onbekende ander omdat hij of zij ons herinnert aan onze onzekere
plek op deze aardbol, ons er aan herinnert dat wij de onbekende zijn voor
anderen. [...] We zijn ook voor onszelf vreemdelingen."(p. 66)
|